Information about the word beschrijven (Dutch → Esperanto: karakterizi)

Part of speechverb
Pronunciation/bəˈsxrɛɪ̯və(n)/
Hyphenationbe·schrij·ven

Conjugation

Indicative mood
Present tensePast tense
(ik) beschrijf(ik) beschreef
(jij) beschrijft(jij) beschreef
(hij) beschrijft(hij) beschreef
(wij) beschrijven(wij) beschreven
(gij) beschrijft(gij) beschreeft
(zij) beschrijven(zij) beschreven
Subjunctive mood
Present tensePast tense
(dat ik) beschrijve(dat ik) beschreve
(dat jij) beschrijve(dat jij) beschreve
(dat hij) beschrijve(dat hij) beschreve
(dat wij) beschrijven(dat wij) beschreven
(dat gij) beschrijvet(dat gij) beschrevet
(dat zij) beschrijven(dat zij) beschreven
Imperative mood
Singular/PluralPlural
beschrijfbeschrijft
Participles
Present participlePast participle
beschrijvend, beschrijvende(hebben) beschreven

Usage samples

Die werd door beide mannen beschreven als „constructief”.

Translations

Englishdescribe
Esperantokarakterizi
Germancharakterisieren; kennzeichnen; treffend darstellen
Luxemburgishbeschreiwen
Polishcharakteryzować
Portuguesecaracterizar
Saterland Frisiancharakterisierje; känteekenje; liekteekenje
Spanishcaracterizar
Swedishkarakterisera