Informatie over het woord voordragen (Nederlands → Esperanto: kandidatigi)

Uitspraak/ˈvordraɣə(n)/
Afbrekingvoor·dra·gen
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) draag voor(ik) droeg voor
(jij) draagt voor(jij) droeg voor
(hij) draagt voor(hij) droeg voor
(wij) dragen voor(wij) droegen voor
(gij) draagt voor(gij) droegt voor
(zij) dragen voor(zij) droegen voor
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) voordrage(dat ik) voordroege
(dat jij) voordrage(dat jij) voordroege
(dat hij) voordrage(dat hij) voordroege
(dat wij) voordragen(dat wij) voordroegen
(dat gij) voordraget(dat gij) voordroeget
(dat zij) voordragen(dat zij) voordroegen
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
draag voordraagt voor
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
voordragend, voordragende(hebben) voorgedragen

Voorbeelden van gebruik

Ik heb hem zelf voorgedragen.
Onder Putin, die volgens ingewijden door Berezovskij zelf als politiek leider was voorgedragen, verloor hij zijn macht.

Vertalingen

Engelsnominate
Esperantokandidatigi