Informatie over het woord ziekenbroeder (Nederlands → Esperanto: flegisto)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ˈzikə(m)brudər/
Afbrekingzie·ken·broe·der
Geslachtmanlijk
Meervoudziekenbroeders

Voorbeelden van gebruik

Haastig had hij zich op deze taak voorbereid, en voor de zekerheid had hij de geschoolde ziekenbroeder Carolus Kwak meegenomen.
Hij was echter nog niet ver gekomen, toen hij een verontruste ziekenbroeder tegenkwam.
Terwijl Haag de duisternis in vluchtte, legden ziekenbroeders Nick op een brancard.

Vertalingen

Afrikaansverpleër
Albaneesinfermier
DuitsPfleger
Engelsnurse
Esperantoflegisto
Fransinfirmier
Zweedssjukvårdare; vårdare