Informatie over het woord ropij (Nederlands → Esperanto: rupio)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/roˈpɛɪ̯/
Afbrekingro·pij
Geslachthistorisch vrouwelijk, tegenwoordig ook manlijk
Meervoudropijen

Voorbeelden van gebruik

Verder maakt Tonny Kellen melding van een geval, dat een meisje uit Rome door de handelaar getrouwd werd en in Bombay voor 300 ropijen verkocht.

Vertalingen

Engelsrupee
Esperantorupio