Informatie over het woord spook (Nederlands → Esperanto: fantomo)

Uitspraak/spok/
Afbrekingspook
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtonzijdig
Meervoudspoken

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
spookjespookjes

Voorbeelden van gebruik

Er kan tenslotte niets gebeuren, want spoken bestaan niet, zoals iedereen weet.
Het was een nacht voor spoken.
En wees niet bang dat het hier in huis spookt en dat je vannacht lastig zult worden gevallen door een spook gekleed in een lijkwade en behangen met kettingen.

Vertalingen

Afrikaansspook
DuitsGespenst
Engelsghost
Esperantofantomo
Papiamentszumbi
Portugeesfantasma
SaterfriesGäist; Phantom; Spouk
Spaansfantasma
Thaisผี
Westerlauwers Friesspok; spûk
Zweedsspöke