Information about the word verlenen (Dutch → Esperanto: doni)

Pronunciation/vərˈlenə(n)/
Hyphenationver·le·nen
Part of speechverb

Conjugation

Indicative mood
Present tensePast tense
(ik) verleen(ik) verleende
(jij) verleent(jij) verleende
(hij) verleent(hij) verleende
(wij) verlenen(wij) verleenden
(gij) verleent(gij) verleendet
(zij) verlenen(zij) verleenden
Subjunctive mood
Present tensePast tense
(dat ik) verlene(dat ik) verleende
(dat jij) verlene(dat jij) verleende
(dat hij) verlene(dat hij) verleende
(dat wij) verlenen(dat wij) verleenden
(dat gij) verlenet(dat gij) verleendet
(dat zij) verlenen(dat zij) verleenden
Imperative mood
Singular/PluralPlural
verleenverleent
Participles
Present participlePast participle
verlenend, verlenende(hebben) verleend

Usage samples

Sommige goden verlenen veel hulp, anderen storten de mensen in het verderf, dat zeggen hun priesters althans.
De oudste vermelding van Amsterdam is in een document van 27 oktober 1275, waarin graaf Floris V de bewoners tolvrijheid verleent.
Er was namelijk door de landbouwer Slobbersma een varkenshok gebouwd zonder dat daar een vergunning voor was verleend—en dat gaat natuurlijk niet.
Tien jaar geleden werd hem politiek asiel verleend.
Hebben ze hun medewerking verleend aan het onderzoek van de politie?

Translations

Afrikaansaangee; gee; verleen
Albanianjap
Catalandonar
Czechdát
Danishgive
Englishconfer; give; grant; impart; yield; invest with; accord
English (Old English)giefan
Esperantodoni
Faeroesegeva
Finnishantaa
Frenchabouler; bailler; donner; passer
Germanangeben; anvertrauen; ergeben; erteilen; geben; gestatten; gewähren; herreichen; machen; reichen; spenden; tragen; überantworten; übergeben; verabreichen
Hungarianad; nyújt
Icelandicgefa
Italiandare
Latindare; donare; doare
Luxemburgishginn
Malayberi … memberi; bagi; memberi; beri
Norwegiangi
Papiamentoduna
Polishdać; dawać
Portuguesedar; entregar; ministrar
Romanianda
Russianдавать; дать
Saterland Frisiananreeke; häärreeke; reeke
Scottish Gaelicthoir
Spanishdar
Sranangi
Swedishge; giva
Thaiให้
Turkishbahşetmek; vermek
West Frisianoanjaan; jaan
Yiddishגעבן