Informatie over het woord abbé (Nederlands → Esperanto: abato)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ɑˈbe/
Afbrekingab·bé
Geslachtmanlijk
Meervoudabbés

Vertalingen

Afrikaansab; kloosterhoof; abbé; kloostervader
Albaneesabat
Catalaansabat
Deensabbed
DuitsAbbate; Abbé; Abt; Klostervorsteher
Engelsabbé
Engels (Oudengels)abbod
Esperantoabato
Faeröersabbati
Fransabbé
Grieksαββάς; ηγούμενος
Hongaarsapát
Italiaansabate
Latijnabbas
Portugeesabade
Russischаббат
SaterfriesAbtäi
Spaansabad; abate
Zweedsabbot