Informo pri la vorto paraplu (nederlanda → esperanto: ombrelo)

Prononco/paraˈply/
Dividopa·ra·plu
Vortspecosubstantivo
Pluraloparaplu’s

Diminutivo
SingularoPluralo
parapluutjeparapluutjes

Uzekzemploj

Achter hemstond een in het zwart gestoken gedaante, die met de ene hand een paraplu en met de andere hand een wijsvinger opstak.

Tradukoj

ĉeĥaslunečník
esperantoombrelo
feroaskermur; skíggi; skjól
francaombrelle
germanaRegenschirm; Schirm; Sonnenschirm
hispanaparaguas; sombrilla
katalunaombrel·la
norvegaparaply
polaparasol
portugalaguarda‐chuva