Informatie over het woord stoken (Nederlands → Esperanto: distili)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈstokə(n)/
Afbrekingsto·ken

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) stook(ik) stookte
(jij) stookt(jij) stookte
(hij) stookt(hij) stookte
(wij) stoken(wij) stookten
(gij) stookt(gij) stooktet
(zij) stoken(zij) stookten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) stoke(dat ik) stookte
(dat jij) stoke(dat jij) stookte
(dat hij) stoke(dat hij) stookte
(dat wij) stoken(dat wij) stookten
(dat gij) stoket(dat gij) stooktet
(dat zij) stoken(dat zij) stookten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
stookstookt
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
stokend, stokende(hebben) gestookt

Voorbeelden van gebruik

Het aantal doden door het drinken van illegaal gestookte drank in India is opgelopen tot meer dan 150.

Vertalingen

Catalaansdestil·lar
Duitsdestillieren; brennen
Engelsdistil
Esperantodistili
Hongaarsdesztillál
Italiaansdistillare
Papiamentsdestilá
Portugeesdistilar
Saterfriesdestillierje
Spaansdestilar
Tsjechischdestilovat
Zweedsdestillera