Informatie over het woord aansporen (Nederlands → Esperanto: admoni)

Uitspraak/ˈansporə(n)/
Afbrekingaan·spo·ren
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) spoor aan(ik) spoorde aan
(jij) spoort aan(jij) spoorde aan
(hij) spoort aan(hij) spoorde aan
(wij) sporen aan(wij) spoorden aan
(gij) spoort aan(gij) spoordet aan
(zij) sporen aan(zij) spoorden aan
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) aanspore(dat ik) aanspoorde
(dat jij) aanspore(dat jij) aanspoorde
(dat hij) aanspore(dat hij) aanspoorde
(dat wij) aansporen(dat wij) aanspoorden
(dat gij) aansporet(dat gij) aanspoordet
(dat zij) aansporen(dat zij) aanspoorden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
spoor aanspoort aan
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
aansporend, aansporende(hebben) aangespoord

Vertalingen

Catalaansamonestar; exhortar; rependre
Duitsermahnen; rügen; verwarnen; verweisen
Engelsexhort
Engels (Oudengels)manian
Esperantoadmoni
Fransadmonester; engager; exhorter; faire des remontrances à; gronder; reprendre; réprimander; sommer de
Portugeesadmoestar; advertir; exortar; induzir; repreender
Russischувещевать
Saterfriesanhoolde; fermoonje; toubaale
Spaansamonestar; reprender
Swahili‐onya
Westerlauwers Friesoanfilterje; oanmoanje; oantrune