Informatie over het woord graat (Nederlands → Esperanto: osto)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ɣrat/
Afbrekinggraat
Geslachthistorisch vrouwelijk, tegenwoordig ook manlijk
Meervoudgraten

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
graatjegraatjes

Vertalingen

Afrikaansbeen
Albaneesasht
Catalaansos
Deensben; knogle
DuitsGebein; Knochen
Engelsbone
Engels (Oudengels)ban
Esperantoosto
Faeröersbein; knota
Finsluu
Fransos
Grieksκόκκαλο
Hawaiaansiwi
Hongaarscsont
IJslandsbein
Italiaansosso
Jiddischעצם; ביין
Latijnos
Maleistulang
Noorsben; bein
Papiamentsweso; wesu
Poolskość
Portugeesosso
Roemeensos
Russischкость
SaterfriesBunke; Knooke
Schots-Gaelischcnàmh
Spaanshueso
Srananbonyo
Swahilimfupa
Tagalogbutó
Thaisกระดูก
Tsjechischkost
Turkskemik
Welsasgwrn
Westerlauwers Friesbien; bonke
Zweedsben