Informatie over het woord breken (Nederlands → Esperanto: rompo)

Uitspraak/ˈbrekə(n)/
Afbrekingbre·ken
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtonzijdig

Vertalingen

Afrikaansskending
Deensbrud
DuitsBrechen; Bruch
Engelsbreach; breaking
Esperantorompo
Fransrupture
Spaansquebradura
Westerlauwers Friesbrek