Informatie over het woord bespreken (Nederlands → Esperanto: rezervi)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/bəˈsprekə(n)/
Afbrekingbe·spre·ken

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) bespreek(ik) besprak
(jij) bespreekt(jij) besprak
(hij) bespreekt(hij) besprak
(wij) bespreken(wij) bespraken
(gij) bespreekt(gij) bespraakt
(zij) bespreken(zij) bespraken
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) bespreke(dat ik) besprake
(dat jij) bespreke(dat jij) besprake
(dat hij) bespreke(dat hij) besprake
(dat wij) bespreken(dat wij) bespraken
(dat gij) bespreket(dat gij) bespraket
(dat zij) bespreken(dat zij) bespraken
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
bespreekbespreekt
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
besprekend, besprekende(hebben) besproken

Vertalingen

Afrikaansbespreek
Catalaansreservar
Duitsreservieren; vorbehalten; zurückbehalten
Engelsbook; reserve
Esperantorezervi
Faeröersleggja burturav; skila til
Fransréserver
Grieksαγκαζάρω
Italiaansriservare
Poolsrezerwować
Portugeesguardar; reservar
Saterfriesfoarbehoolde; reservierje
Spaansconservar; reservar
Thaisจอง