Informatie over het woord fajrujo

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Afbrekingfajr·uj·o

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
Nominatieffajrujofajrujoj
Accusatieffajrujonfajrujojn

Vertalingen

DuitsFeuerbecken; Feuerstelle; Herd; Kohlenbecken
Engelsfirebox; hotbed; stove
Latijncaminus
Nederlandsbroeinest; haard; vlamkast; vuurhaard; vuurkist
Portugeesbraseiro; fogão; fornalha; lar
SaterfriesHäid
Spaansfogón
Tsjechischsporák