Informatie over het woord wil (Nederlands → Esperanto: volo)

Uitspraak/ʋɪl/
Afbrekingwil
Woordsoortzelfstandig naamwoord

Voorbeelden van gebruik

Wie van de twee heeft de wil van zijn vader gedaan?
Het is de wil van God dat wij de heidenen verslaan.
Dit verhaal versterkte bij de heer Fogg en zijn metgezellen de wil om haar te bevrijden.
Uw wil geschiede.

Vertalingen

Afrikaanswil
Deensvilje
DuitsWille
Engelswill; volition
Engels (Oudengels)willa
Esperantovolo
Fransgré; volonté
IJslandsvilji
Italiaansvolontà
Latijnvoluntas
Noorsvilje
Papiamentsboluntat
Portugeesquerer; vontade
Roemeensvoie
Russischволя
SaterfriesWille
Spaansvoluntad
Srananwani
Tsjechischvůle
Turksarzu
Zweedsvilja