Information about the word weg (Dutch → Esperanto: vojo)

Part of speechcommon noun
Pronunciation/ʋɛx/
Hyphenationweg
Gendermasculine
Genitiveweegs
Pluralwegen

Diminutive
SingularPlural
weggetje, wegjeweggetjes, wegjes

Usage samples

Er was geen weg terug.
Zij hadden het verkeer achter zich gelaten en de huizen langs de weg werden monumentaler en schaarser.
Op de wegen naar het strand waren nog geen problemen.
Deze heer, van wie ik de naam niet ken, zal je de weg wijzen.
Hij kiest soms de wonderlijkste wegen.
Dat klinkt hard, maar ik zie geen andere weg.
Hoe kan ik mijn weg in dit bos vinden nu de duisternis invalt?
Uw drijfveren waren juist, daar u uw broeder van de dwaling zijns weegs hebt willen weerhouden.
Je kan hem overal verloren hebben op de weg.

Translations

abrid (ⴰⴱⵔⵉⴷ)
Afrikaansbaan; pad
Catalancamí; carretera; via
Czechdráha; cesta; metoda; postup; způsob; silnice
Danishvej
Englishcourse; pathway; road; route; way
English (Old English)weg; wise
Esperantovojo
Faeroesevegur
Finnishtie
Frenchchemin; route; voie
GermanBahn; Strecke; Weg; Straße
Hawaiianala; ala hele; alanui
Hungarianút
Icelandicvegur
Italiancammino; corsia; pista; strada; via
Latinvia
LuxemburgishWee; Strooss
Malayjalan
Norwegianvei
Papiamentokaminda; karetera; ruta
Polishdroga
Portuguesecaminho; estrada; rumo; via
Romaniandrum
Russianдорога; путь
Saterland FrisianBoan; Dom; Schausee; Skausee; Wai
Scottish Gaelicrathad; slighe
Spanishcamino; vía
Srananpasi
Swahilibarbara; njia
Swedishgång; stråt; väg
Thaiถนน; ทาง
Turkishyol
Welshffordd; heol
West Frisianwei; dyk; reed
Yiddishװעג