Informatie over het woord gezicht (Nederlands → Esperanto: vizio)

Uitspraak/ɣəˈzɪxt/
Afbrekingge·zicht
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtonzijdig

Vertalingen

DuitsErscheinung; Gesicht; Vision
Engelsvision
Esperantovizio
Faeröersopinbering; sjón
Finsnäky
Fransvision
Portugeesvisão
SaterfriesÄrschienenge; Ärskienenge; Gesicht; Vision
Spaansaparición; visión
Tsjechischvidění; vidina; vize