Informatie over het woord wintereik (Nederlands → Esperanto: tigofolia kverko)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ˈʋɪntərɛɪ̯k/
Afbrekingwin·ter·eik

Voorbeelden van gebruik

Verderop wandelen we tussen de wintereiken, zomereiken en berken.

Vertalingen

Catalaansroure de fulla gran; roure de fulla grossa
Deensvintereg
DuitsTraubeneiche; Wintereiche
Engelssessile oak
Esperantotigofolia kverko
Finstalvitammi
Franschêne rouvre; chêne sessile
Hongaarskocsánytalan tölgy
Italiaansrovere
Noorsvintereik
Poolsdąb bezszypułkowy
Portugeescarvalho‐alvo; carvalho‐branco; roble‐branco; roble‐alvo
Roemeensgorun
Russischдуб скальный
Schots-Gaelischdarach neo‐ghasagach
Spaansroble del invierno; roble albar; roble carballo; roble común
Tsjechischdub zimní
Turkssapsız meşe
Welsderwen mes di‐goes
Zweedsbergek; druvek; vinterek