Informatie over het woord inschuiven (Nederlands → Esperanto: densiĝi)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈɪnsxœʏ̯və(n)/
Afbrekingin·schui·ven

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) schuif in(ik) schoof in
(jij) schuift in(jij) schoof in
(hij) schuift in(hij) schoof in
(wij) schuiven in(wij) schoven in
(gij) schuift in(gij) schooft in
(zij) schuiven in(zij) schoven in
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) inschuive(dat ik) inschove
(dat jij) inschuive(dat jij) inschove
(dat hij) inschuive(dat hij) inschove
(dat wij) inschuiven(dat wij) inschoven
(dat gij) inschuivet(dat gij) inschovet
(dat zij) inschuiven(dat zij) inschoven
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
schuif inschuift in
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
inschuivend, inschuivende(hebben) ingeschoven

Vertalingen

Duitszusammenrücken
Esperantodensiĝi
Portugeesadenar‐se; tornar‐se mais denso