Information about the word aan boord (Dutch → Esperanto: surŝipe)

Part of speechadverb

Usage samples

Dadelijk kwam alles aan boord in rep en roer.
Hebben de zeerovers soms iemand achtergelaten aan boord?
We kunnen niets doen zolang hij zich op zee aan boord van een vijandelijke torpedojager bevindt.
De enige die hier aan boord mag schreeuwen, ben ik!