Information über das Wort soort (Niederländisch → Esperanto: speco)

Aussprache/sort/
Trennungsoort
WortartSubstantiv
Geschlechtsächlich / historisch weiblich, heutzutage auch männlich
Mehrzahlsoorten

Gebrauchsbeispiele

Dat is het leuke van dit soort werk.
Maar de nar was niet van het goede soort.
Natuurlijk zijn er nog andere soorten werkwoorden.
Ik wou dat je ophield met dat soort grappen.
Het was niet het soort boosaardigheid dat hij kende.
Zij is de soort vrouw die dadelijk door de mand valt als ze met de waarheid wordt geconfronteerd.

Übersetzungen

Afrikaanssoort
Albanischlloj
Dänischart; slags
DeutschAbart; Art; Gattung; Schlag; Sorte
Englischkind; sort
Esperantospeco
Färöerischslag
Finnischlaji
Französischacabit; espèce; genre; sort; sorte
Italienischgenere; specie
Katalanischespècie; sort
LuxemburgischAart
Malaiischjenis; macam
Papiamentosorto
Portugiesischespécie; género; jaez; laia; qualidade
Rumänischfel
SaterfriesischOard; Soarte; Sleek
Schottisch Gälischseòrsa
Schwedischsort
Spanischsuerte
Sranansortu
Thaiอย่าง
Westfriesischsoarte