Informatie over het woord schandaal (Nederlands → Esperanto: skandalo)

Uitspraak/sxɑnˈdal/
Afbrekingschan·daal
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtonzijdig
Meervoudschandalen

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
schandaaltjeschandaaltjes

Voorbeelden van gebruik

Cugel wuifde lachend de mogelijkheid van een schandaal weg.
De media berichten over het algemeen eerbiedig, om niet te zeggen lovend over het koningshuis en schandalen worden snel vergeten.

Vertalingen

Afrikaansaanstoot; skandaal
DuitsÄrgernis; Skandal
Engelsscandal
Esperantoskandalo
Fransscandale
Italiaansscandalo
Latijnscandalum
Papiamentsskandal
Portugeesescândalo
SaterfriesÄärger; Schendoal; Skendoal
Spaansescandálo; escándalo
Westerlauwers Friesoanstjit; skandaal
Zweedsskandal