Information about the word beklijven (Dutch → Esperanto: daŭri)

Pronunciation/bəˈklɛɪ̯və(n)/
Hyphenationbe·klij·ven
Part of speechverb

Conjugation

Indicative mood
Present tensePast tense
(hij) beklijft(hij) beklijfde
(zij) beklijven(zij) beklijfden
Subjunctive mood
Present tensePast tense
(dat hij) beklijve(dat hij) beklijfde
(dat zij) beklijven(dat zij) beklijfden
Participles
Present participlePast participle
beklijvend, beklijvende(hebben) beklijfd

Translations

Afrikaansvoortduur; aanhou
Catalandurar
Danishvare
Englishcontinue; endure; keep on; last; persist; wear; go on
Esperantodaŭri
Faeroesevara
Finnishkestää
Frenchcontinuer; durer
Germandauern; sich hinziehen; währen
Hungariantart
Italiandurare
Luxemburgishdaueren
Papiamentodura
Polishtrwać
Portuguesecontinuar; durar; permanecer; prolongar‐se
Saterland Frisianduurje
Spanishdurar
Thaiกินเวลา
West Frisianduorje