Informo pri la vorto rijk (nederlanda → esperanto: regno)

Prononco/rɛɪ̯k/
Dividorijk
Vortspecosubstantivo
Genroneŭtra
Pluralorijken

Diminutivo
SingularoPluralo
rijkjerijkjes

Uzekzemploj

Nu was dit allemaal niet erg geweest, als de koning een groot rijk bezeten had.
Mijn rijk strekt zich niet verder uit dan het bereik van mijn stem.
Zij kregen dit recht van de koning vanwege hun trouw aan het rijk.

Tradukoj

afrikansostaat
anglakingdom; realm; state
esperantoregno
feroaríki
finnavaltakunta
francapuissance; règne
germanaReich; Staat
hispanaestado; nación; reino
katalunaregne
luksemburgiaRäich
okcidenta frizonaryk
portugalaestado; nação; país; reino
rusaгосударство
saterlanda frizonaRiek; Stoat
svedarike