Information about the word tempo (Dutch → Esperanto: rapido)

Part of speechcommon noun
Pronunciation/ˈtɛmpo/
Hyphenationtem·po

Usage samples

Het tempo van deze tijd is misschien te veel voor me.
Ik volgde hem in hetzelfde tempo.
We vangen in een hoog tempo meer vis dan erbij komt.

Translations

Afrikaanssnelheid
Catalanvelocitat
Danishhast; tempo
Englishpace
Esperantorapido
Frenchallure; rapidité; vitesse
GermanEile; Geschwindigkeit; Hast
Hungariangyorsaság; sebesség
Italianandatura
Portugueserapidez; velocidade
Saterland FrisianHoast; Iele; Joageräi
Scottish Gaelicastar
Spanishvelocidad
Swedishhastighet; tempo