Informo pri la vorto geweer (nederlanda → esperanto: pafilo)

Vortspecosubstantivo
Prononco/ɣəˈʋeːr/
Dividoge·weer
Genroneŭtra
Pluralogeweren

Diminutivo
SingularoPluralo
geweertjegeweertjes

Uzekzemploj

Het ligt niet aan het geweer.

Tradukoj

afrikansovuurwapen
anglagun
danabøsse
esperantopafilo
germanaBüchse; Flinte; Gewehr; Schießgewehr
portugalaespingarda; fuzil
saterlanda frizonaGewehr; Ruur
skota gaelagunna