Dictionnaire de traduction

Langue de source
 
Langue d’objet
90.655 mots
 
80.572 mots
Mot à traduire
néerlandaisanglais (traduit indirectement)espéranto
(dynamica)
dynamics
🔗 Bereken de kracht die op het lichaam wordt uitgeoefend.
(sterkte);
vigour
(macht; vermogen)
🔗 Men zal mijn kracht leren kennen!
🔗 Ik heb je zo vernederd dat je niet eens meer de kracht hebt om er een einde aan te maken.
(sterkte);
🔗 De aardbeving op 11 maart had een kracht van 9,0 op de schaal van Richter.
(doctrine; geloofsleer)
doctrine
;
tenet
🔗 Dat zijn allemaal ketters en hun leer is vals!
(leder)
🔗 Voor het altaar lagen twee zakken van oud leer.

néerlandaisanglais
krachtefficaciousness; efficacy; employee; energy; expressiveness; force; fortitude; goodness; intensity; might; muscle; pith; potency; power; puissance; spirit; steel; strength; stress; thews; vigour; vim; wallop; worker; zing
leerapprenticeship; doctrine; ism; leather; teaching; teachings; tenet; ladder; theory