Informasie oor die woord papier (Nederlands → Esperanto: dokumento)

Sinonieme: akte, bescheid, document, schriftuur, stuk, oorkonde

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/paˈpiːr/
Afbrekingpa·pier

Voorbeelde van gebruik

En die papieren kan ik inderdaad beter nu in orde maken.
Alle papieren liggen in de kajuit en die zijn in orde.
U moet dit papier ondertekenen.

Vertalinge

Afrikaansdokument
Deensdokument
DuitsDokument; Urkunde; Unterlage; Papier
Engelspaper
Esperantodokumento
Fransdocument
Grieksέγγραφο
Hongaarsdokumentum; irat; okmány; ügyirat
Italiaansdocumento
Katalaansdocument
Noorsdokument
Papiamentsdokumento
Portugeesdocumento
SaterfriesDokument; Uurkunde
Spaansdocumento
Sweedsdokument
Tsjeggiesdoklad; dokument; listina
Turksbelge
Walliesdogfen
Wes‐Friesakte; dokumint; oarkonde